Als er een Nijmeegse literaire maffia bestaat – en laat ik die bekentenis met gevaar voor eigen leven maar ogenblikkelijk doen: ik beschik over nauwelijks te weerleggen signalen dat ze bestaat aangezien deze organisatie zijn activiteiten sinds vele jaren heeft uitgebreid naar Amsterdam, en meer bepaald ook succesvol is geïnfiltreerd in de fondsen van De Arbeiderspers – dan kan het niet anders zijn dan dat het echtpaar Victor Vroomkoning en Stella Napels aan het hoofd staat van deze malafide onderneming. Dan kan het niet anders of – aangezien het in het geval van Vroomkoning en Napels om schuilnamen gaat – Walter van de Laar de Godfather is van deze invloedrijke en sinistere organisatie.

IMG_2691

Een dezer dagen, beste Nijmegenaren, zal Frouke Arns bij De Arbeiderspers een contract tekenen voor een over niet al te lange tijd te verschijnen dichtbundel. Het geval wil dat ik haar, ex-stadsdichter van uw fraaie stad, voor het eerst tegenkwam – ruim anderhalf jaar geleden – op de presentatie van de bundel Ergens slapen de anderen van Marijke Hanegraaf, een andere ex-stadsdichter uwer stad. Sinds die ontmoeting heeft Walter van de Laar bij herhaling geïnformeerd – ik gebruik een eufemisme – of dat geen aanwinst voor De Arbeiderspers zou zijn. Nu is Frouke Arns een schitterende dichter die zich ongetwijfeld ook zonder de Godfather diep bij ons in de kijker zou hebben gespeeld. Maar dat wil nog niet zeggen dat we zijn ogenschijnlijk luchtig en terloops gestelde vragen niet als dreigementen hebben opgevat. En over Marijke Hanegraaf gesproken. Ik heb lang de illusie gekoesterd dat ik die dichter geheel op eigen kracht had ontdekt, maar in de loop de jaren begon het me op te vallen dat bij werkelijk ieder evenement waar Hanegraaf een publieke rol had op de voor- of achtergrond ook Walter van de Laar aanwezig was.

Afgelopen donderdag greep Marije Langelaar met Vonkt net naast de winst in de laatste editie van wat wel de belangrijkste dichtersprijs genoemd wordt, de VSB Poëzieprijs. Jammer, want als ze die prijs wel in de wacht had gesleept, had dat een grand slam betekend. Voor datzelfde Vonkt had ze afgelopen zondag immers al de Jan Campert-prijs ontvangen en komende woensdag krijgt ze er de Awater-prijs voor, de prijs van de Groot-Nederlandse poëziekritiek. Toen ik laatst met haar een herinnering ophaalde aan de eerste keer dat ik haar, als een nog piepjonge dichter, had zien optreden waarbij ze zoveel indruk maakte dat ik na afloop meteen naar haar ben toegelopen met de uitnodiging om bij De Arbeiderspers een hele bundel met zulke gedichten te publiceren – het was helemaal aan het begin van deze eeuw, het was hier in Luxor – wees ze me terecht toen ik beweerde dat het om de presentatie van een bundel van Th. van Os ging. Ja, die had daar ook opgetreden die avond, verbeterde ze me, maar in werkelijkheid draaide alles om een nieuwe bundel – vermoedelijk Bij verstek – van, jawel hoor: Victor Vroomkoning alias Walter van de Laar alias de ongekroonde Karelkeizer van de Nijmeegse literaire underground. Ik weet niet hoeveel literaire troeven onze Vroomkoning nog in handen heeft maar ik zag voor vanmiddag alweer een optreden aangekondigd van Heidi Koren, een omineuze veelbelovende naam. We wachten geduldig af waartoe dat gaat leiden.

vdh9789029511681

Tot u spreekt – ten overvloede – Peter Nijssen, sinds lange tijd in dienst van De Arbeiderspers, sinds mensenheugenis de redacteur van eerst Stella Napels en algauw uitsluitend Victor Vroomkoning. Toen hun Overkoepelende Instantie mij vroeg of ik de inzegening van het nieuwe kindje van het echtpaar Vroomkoning-Napels (als ik niet al letterlijk citeer, parafraseer ik zeer getrouw) voor mijn rekening wilde nemen, stemde ik daarin onmiddellijk toe. Mijn spreekstalmeestersalter-ego Bisschop Zwijsen heeft (zeker ook op de feesten van Van de Laar) menigmaal de doopkwast of (als er wat meer satire gewenst was) de pleeborstel gehanteerd om wauwelend wijwater te sprenkelen. Ik liet weten dat ik er zou zijn en zalvende woorden zou spreken. Zalvende woorden, dat hoefde nou ook weer niet, reageerde Walter terstond. Nou, dan geen zalvende woorden, maar wat olie op het vuur dat we al in de doopvont hadden aangestoken.

Zoals het een echte Godfather betaamt oogst ook deze in de oudewijvenzomer van zijn leven niet alleen (zijn eigen) mooie woorden (die we – daarover zo meer – bijeengebracht hebben in een nieuw ensemble onder de titel Gebroken wit) maar ook nakomelingen in de tweede graad. Half november vorig jaar – de nieuwe bundel was zo goed als klaar om gedrukt te worden – schreef hij me:

IMG_2692

‘Het weekend ging op aan de viering van een nieuw kleinkind en stamhouder in Utrecht: Max van de Laar!’ Apetrots, zoals het een patriarch betaamt. Maar ook een patriarch die op zijn ouwe dag zijn zonden telt en bevangen raakt door regressieve bevliegingen van katholieke aandoening. Mail van een korte poos later: ‘Vanochtend een ouwerwetse Gregoriaanse mis (door Mgr. De Korte) bijgewoond; ik kon al die Latijnse liederen vlot meezingen (en dacht voortdurend aan mijn vader).’ Geen wonder dat zijn nieuwe bundel één veelbetekenende zetfout telt: het woord ‘misssaal’ met drie s’en! Dat noemen we alvast slijmen met Onze Lieve Heer: kijk eens, Almachtige Vader, hoe dik mijn kerkboek is en hoe katholiek ik ben. Die arglistig gemaakte fout gaan we voor de herdruk natuurlijk verbeteren. Dus spoedt u zo meteen naar de toonbank om een exemplaar met deze unieke drukfout te bemachtigen. Opdat u het na aanschaf meteen kunt opzoeken. De fout staat in ‘Zie ons aan’ en bevindt zich in de eerste strofe die ik nu voorlees:

Zie mij zitten met vijf melige appels
en twee beurse bananen. Mijn bril rust naast
het lint dat uit een goudomrand misssaal over de tafel rafelt.
Drie sansevieria’s versterven op de vensterbank
tegen de achtergrond van een slome sloot.

Als dat geen stilleven, geen vanitaskunst, is! En dan zijn we nog maar halverwege dat gedicht. In de wetenschap dat we te maken hebben met nieuw werk van een pater familias op leeftijd, terugkijkend op het leven, mijmerend over wat eindig is en komen zal, kan het niet verbazen dat deze nieuwe bundel, bij alle onverwoestbare vitalisme (getuige alleen al de toch weer rijkelijk presente erotisch gekleurde verzen), meer dan ooit in het teken staat van afscheid en vergankelijkheid, afbraak en gemis. Maar Vroomkoning zou Vroomkoning niet zijn als dat alles niet gepaard ging met veel humor, understatement en zelfspot.

Om dat te illustreren lees ik nog één kort gedicht, ‘Rimpels’, uit de nieuwe bundel:

Zegt een meisje tegen haar moeder:
‘Hij heeft wel veel rimpels.’
Antwoordt de moeder met wie ik sinds kort verkeer:
‘Moet je niet zeggen, vanmorgen,
naast me in bed sliep hij zo gaaf
als een jongen van achttien.’
‘Wil ik zien’ hoor ik dochterlief
tussen de schuifdeuren.
Mijn nieuwe liefde op geduldige toon:
‘Wacht maar tot hij in de kist ligt.
Je zult je ogen niet geloven.’

vdh9789029523622.jpg

En dan een korte brief om te eindigen.

Beste Walter,

Ik hoorde vorige week Ilja Leonard Pfeijffer op de presentatie van Waar geschreeuwd wordt is taal vacant – een mooi boekje over diens taal, geschreven door Marc van Oostendorp, taalkundehoogleraar in Nijmegen, en verschenen bij gelegenheid van Ilja’s vijftigste verjaardag – de woorden citeren die Ronald Reagan sprak bij de inauguratie van zijn tweede termijn: ‘You ain’t seen nothing yet!’ Jij, als pater familias van de Nijmeegse schrijversfamilie, zei nog wat anders. Je fluisterde me met hete hese adem Marlon Brando als Don Corleone (in de film The Godfather) citerend het volgende in de oren: ‘I am gonna make you an offer you can’t refuse.

En inderdaad Walter, dat mag ik niet weigeren. Dus ergens rond de komende jaarwisseling zal De Arbeiderspers ter gelegenheid van je aanstaande tachtigste verjaardag met een bloemlezing uit je werk komen: Tachtig voor tachtig.

Was getekend, je liefhebbende maffiamaatje, je gebroken witwasser

Peter Nijssen

*De presentatie vond plaats op zaterdag 27 januari bij Boekhandel Dekker van de Vegt in Nijmegen. De burgemeester van Nijmegen, Hubert Bruls, nam het eerste exemplaar in ontvangst. Er waren optredens van dichter Heidi Koren en van Karel Bosman, vriend en vaste begeleider van wijlen Willem Wilmink, die als lied bewerkte teksten uit Mariken van Nieumeghen zong.

Advertenties